NZa aanvraagformulier fusies in de zorg vernieuwd

NZa aanvraagformulier fusies in de zorg vernieuwd

Sinds 1 januari 2014  moeten zorgaanbieders hun voornemen om (i) te fuseren, (ii) een overname te verrichten, en/of (iii) een volwaardige joint-venture op te richten (gezamenlijk: concentraties), (ook) vaak ter goedkeuring melden bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Inmiddels heeft de NZa ruim 170 concentratiemeldingen ontvangen. Op basis van ervaringen opgedaan tijdens deze meldingsprocedures heeft de NZa recent het formulier waarmee zorgaanbieders goedkeuring kunnen aanvragen en de bijbehorende toelichting vernieuwd.

Wijzigingen in de toelichting

De wettelijke meldingsplicht en dus de inhoud van de melding zijn ongewijzigd gebleven. Zorgaanbieders moeten op grond van artikel 49a Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) (kort gezegd) door middel van een concentratie-effectrapportage bewijzen dat zij – in aantoonbaar overleg met cliënten en medewerkers – van tevoren goed hebben nagedacht over het nut en de risico’s van een concentratie. Als een betrokken zorgaanbieder cruciale zorg aanbiedt, moet tevens worden gemotiveerd dat deze zorg niet in gevaar komt door de voorgenomen concentratie.

Het aangepaste formulier is gebruiksvriendelijker gemaakt maar blijft inhoudelijk goeddeels ongewijzigd. De gewijzigde toelichting bevat een aantal nuttige aanvullingen. Het benoemt diverse (voor)procedures die voorheen weliswaar al in de praktijk door de NZa (in overleg met meldende zorgaanbieders) werden toegepast maar waarvoor nog geen beleid was geformuleerd. In de vernieuwde toelichting zijn nu uitdrukkelijk opgenomen de mogelijkheden om (i) een prenotificatiegesprek met de NZa te voeren, en (ii) een informele zienswijze te vragen aan de NZa.

Prenotificaties en informele zienswijzen kunnen het meldingsproces stroomlijnen. Een prenotificatiegesprek is bruikbaar als onduidelijkheid bestaat over de vraag of de zorgaanbieders al over voldoende informatie beschikken om de NZa in staat te stellen de voorgenomen concentratie te beoordelen. Een informele zienswijze wordt aanbevolen als de betrokken organisaties twijfelen of hun voorgenomen samenwerking leidt tot een meldingsplicht. Zulke twijfel kan bijvoorbeeld ontstaan als partijen niet zeker weten of hun voorgenomen samenwerking (ook) volgens de NZa kwalificeert als concentratie. Omdat alleen op zorgaanbieders een meldingsplicht rust, kan ook onzekerheid over de uitleg door de NZa van het begrip zorgaanbieder  reden zijn voor een verzoek tot informele zienswijze.

Samenwerking met de ACM

Concentratie is een mededingingsrechtelijk begrip dat conform de Mededingingswet moet worden uitgelegd. Het is daarom mogelijk dat de NZa bij een prenotificatiegesprek of informele zienswijze nauw samenwerkt met de Autoriteit Consument & Markt (ACM). De ACM heeft op basis van bestaand beleid al ruime ervaring met prenotificatiegesprekken en informele zienswijzen. Zeker als de voorgenomen concentratie na goedkeuring ook bij de ACM moet worden gemeld, kan samenwerking in het voortraject tussen ACM, NZa en de betrokken zorgaanbieder(s) de totale doorlooptijd van de meldingen verkorten. Overleg tussen NZa en ACM ligt overigens sowieso voor de hand in het licht van de door de minister van VWS voorgestelde overheveling van de zorgspecifieke fusietoets van de NZa naar de ACM.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
Naar boven scrollen